NL

Joods Lyceum

Het Joods Lyceum was gevestigd in een schoolgebouw in de Amsterdamse Jodenbuurt. Het was een school voor uitsluitend Joodse leerlingen en docenten. Zij mochten van de bezetter niet langer op een niet-Joodse school zitten.

Op 3 april 1912 nam de Amsterdamse gemeenteraad het besluit de straat tussen Amstel en Weesperplein de naam Voormalige Stadstimmertuin te geven.[1] Die naam werd gekozen vanwege de timmerwerkplaats of stadstimmertuin die hier van 1660 tot 1900 was gevestigd.[2]

Voor 1940 was op nummer 2 de Joodsche Hoogere Burger School met 5-jarige cursus gevestigd.[3] In een schoolgebouw aan de overkant op het adres Voormalige Stadstimmertuin 1 werd in 1941 het Joods Lyceum gehuisvest.[4] Dit als gevolg van anti-Joodse maatregelen.[5] Volgens de Meldungen aus den Niederlanden waren er klachten over leraren die hun Joodse leerlingen enorm voor trokken om daarmee hun anti-Duitse gezindheid te demonstreren. Als ‘Judenfreundlich’ bekendstaande scholen, zoals het Amsterdams Lyceum, zouden daardoor een grote toeloop hebben. Dit werd door de Duitse autoriteiten als een ongewenste ontwikkeling gezien.[6]

Op 8 augustus 1941 werd er een verordening afgekondigd die bepaalde dat per 1 september het Joodse leerlingen en docenten verboden werd reguliere scholen en onderwijsinstellingen te bezoeken. Zij werden ondergebracht in aparte scholen met uitsluitend Joodse leerlingen en docenten. In Amsterdam was de gemeente met de uitvoering van dit besluit belast.[7] De eerste lesdag was op woensdag 15 oktober 1941.[8] Rector van het nieuw gevormde Joods Lyceum Amsterdam was W.H.S. Elte.[9] Toen er na de razzia’s van mei en juni 1943 bijna geen leerlingen en leerkrachten meer waren, kwam aan het onderwijs op het Joods Lyceum in september 1943 een einde.[10]

Margot en Anne gingen allebei naar het Joods Lyceum. Anne schrijft dat Margot zeker cum laude zou krijgen als dat aan hun school mogelijk zou zijn.[11] 

Noten

  1. ^ Wordt door Anne aangeduid als: Stadstimmertuinen. Anne Frank, Dagboek B, 24 juni 1942, in: Verzameld werk, Amsterdam: Prometheus, 2013.
  2. ^ Stadsarchief Amsterdam, Dienst Bevolkingsregister, Woningkaarten, via Indexen, eerste kaart (codenr. 1745).
  3. ^ Algemeen Adresboek voor de stad Amsterdam 1938, p. 2215.
  4. ^ Bianca Stigter, Atlas van een bezette stad: Amsterdam 1940-1945, Amsterdam: Atlas Contact, 2019, p. 237-238.
  5. ^ Dienke Hondius, Absent. Herinneringen aan het Joods Lyceum Amsterdam 1941-1943, Amsterdam: Vassallucci, 2001, p. 15. Zie ook: Dienke Hondius, 'Anne Frank behoorde tot de grote massa', in: Anne Frank Magazine 2001, p. 32-37. 
  6. ^ J. Presser, Ondergang. De vervolging en verdelging van het Nederlandse Jodendom, 1940-1945, 's-Gravenhage: Staatsuitgeverij, 1965, deel I, p. 135.
  7. ^ Hondius, Absent, p. 39-41.
  8. ^ NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust en Genocidestudies, Amsterdam, Archief 181e (W.S.H. Elte), inv. nr. 1: Brief van de rector aan Inspecteur der Lycea, 10 oktober 1941.
  9. ^ Hondius, Absent, p. 70-71.
  10. ^ Hondius, Absent, p. 228.
  11. ^ Anne Frank, Dagboek B, 5 juli 1942, in: Verzameld werk, Amsterdam: Prometheus, 2013.